Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN uva.nl
Bonger Instituut voor Criminologie

Publicaties 2018

Bonger Instituut

Sharing, Group-Buying, Social Supply, Offline and Online Dealers: how Users in a Sample from Six European Countries Procure New Psychoactive Substances (NPS)

Given the multiple ways of regulations and market situations for new psychoactive substances (NPS), it is of interest how NPS users procure their drugs in different countries as well as in different user groups. Data comes from a face-to-face and online survey conducted in six EU countries, covering three groups of current (12-month) adult NPS users: (1) socially marginalized, (2) users in night life, and (3) users in online communities. While the supply situation differed considerably between countries, friends were the most prevalent source for buying, followed by online shops and private dealers. Marginalized users were more likely to buy from dealers, while online respondents showed the highest rates for buying online. While buying NPS from online or offline shops was relatively prevalent, we also found high rates for social supply and buying from dealers. A considerable part of this market may be classified as “social online supply,” with private suppliers procuring their drugs online. The market features among marginalized users resemble more those of illicit drug markets than those for other NPS users.

Wernse, B., Benschop, W. J., Kamphausen, G., van Hout, M. C., Henriques, S., Paula Silva, J., Dąbrowska, K., Wieczorek, L., Bujalski, M., Felvinczi, K., & Korf, D. J. (2018). Sharing, Group-Buying, Social Supply, Offline and Online Dealers: how Users in a Sample from Six European Countries Procure New Psychoactive Substances (NPS). International Journal of Mental Health and Addiction, 1-15.

 
Place, space and time in European drug use, markets and policy -flyer

Illegal drug use is common across Europe—and around the world. Drug use is accompanied by drug markets, which emerge and evolve as an inevitable response to demand. Drug policies are enacted in response to these, whether aimed at eliminating use and supply, or minimising the harms related to them. These are the core components of the ‘drug problem’. While the drug problem is a global phenomenon, the way its components manifest themselves vary widely. The prevalence of use of different drugs changes over time and across different places. The characteristics of drug cultures and drug markets differ by geographical, social and cultural context. Drug policies, while broadly governed by global drug treaties, are shaped by local and national politics and designed to respond to local and national concerns. Drug use, drug markets and drug policies are, ultimately, located in specific geographical, cultural and temporal contexts. As the drug problem varies across place, space and time, so understanding drug issues must take account of these dimensions. In this book, we bring together contributors from across Europe, each focussing on different aspects of the drug problem in different countries and different contexts. Each chapter contributes important knowledge about specific aspects and examples of the drug problem. Together, they provide even greater insights into the relationships between drug use, markets and policy, and their situation in place, space and time.

Potter, G.R., Fountain, J., and Korf, D.J. (eds). (2018) Place, space and time in European drug use, markets and policy. Lengerich: PABST Science Publishers.

 

Life history interviews are a commonly used method in qualitative drug research, but the use of timelines in these interviews remains limited. This chapter explores and discusses the use, pros and cons of timelines as a method employed in two qualitative studies on substance use trajectories. It shows how, by combining in-depth interviews and timelines, the interview can become an interactive analytical process in the search for relationships between life course/life events and patterns of substance use and non-use, and also the underlying processes of substance use pathways. Timelines can support memory recall for the interviewee, and, particularly in studies of drug use trajectories, they can enhance the researcher's understanding of the relationships between these trajectories and the life course more quickly and more deeply than if an interview alone is used.

Liebregts, N. (2018). Nuts and bolts of timelines in qualitative drug research. In: Potter, G.R., Fountain, J., and Korf, D.J. (eds). (2018) Place, space and time in European drug use, markets and policy. Lengerich: PABST Science Publishers.

 
Antenne Amsterdam 2017

In Antenne 2017 worden trends in het Amsterdamse uitgaansleven en de daarmee samenhangende ontwikkelingen in middelengebruik beschreven aan de hand van een panelstudie en een survey onder clubbers en festivalgangers. Het middelenrepertoire in de trendsettende netwerken en scenes van het uitgaanspanel kan aanzienlijk verschillen. Ecstasy is (na alcohol) het belangrijkste uitgaansmiddel. Het gebruik van stimulantia (ecstasy, cocaïne en amfetamine) is onderling inwisselbaar. De keuze voor een van deze middelen hangt samen met het (feest)moment en de setting. Ruim 600 uitgaanders (clubbers en festivalgangers) deden mee aan een survey. Tabak, alcohol, cannabis, lachgas en ecstasy zijn de middelen die zij het meest gebruiken. Cocaïne, amfetamine, ketamine, ghb en 4-fa worden ook gebruikt, maar wat minder. Onder uitgaanders is er een bescheiden belangstelling voor Nieuwe Psychoactieve Stoffen (NPS). Naast uitgaanders gaat Antenne 2017 over kwetsbare buurtjongeren in Amsterdamse volkswijken. Voor deze jongeren zijn vooral alcohol, cannabis en lachgas aantrekkelijke middelen.

Nabben, T., Luijk, S.J., & Korf, D.J. (2018) Antenne 2017.​ Trends in alcohol, tabak en drugs bij jonge Amsterdammers. Amsterdam: Rozenberg Publishers. 

 
Evaluatie Wet OM-afdoening Evaluation Public Prosecution Service (Settlement) Act (summary)

De Wet OM-afdoening geeft de officier van justitie de bevoegdheid om strafbeschikkingen uit te vaardigen in het geval van overtredingen en misdrijven die met maximaal zes jaar gevangenisstraf worden bestraft. De strafbeschikking wordt opgelegd zonder tussenkomst van de rechter. In opdracht van het ministerie van Veiligheid en Justitie voerde de afdeling Strafrecht in samenwerking met het Bonger Instituut een evaluatieonderzoek uit naar de Wet OM-afdoening. Het doel van de evaluatie was om te beschrijven of de wet conform de doelstellingen van de wetgever wordt uitgevoerd en welke knelpunten zich in de praktijk voordoen. Een belangrijk onderdeel van dit onderzoek bestond uit het krijgen van meer inzicht in de veronderstelde werking van de Wet OM-afdoening. Daarnaast is ook de daadwerkelijke werking van de wet onderzocht en is beoordeeld in hoeverre de praktijk afwijkt van de doelstellingen en de verwachtingen van de wetgever.

 

Abels, D., Benschop, A., Blom, T., Coster van Voorhout, J., Korf, D.J., Liebregts, N., & Vriend, K. (2018). Evaluatie Wet OM-Afdoening. Amsterdam: Rozenberg Publishers.

 
Antenne Gooi en Vechtstreek 2017

In 2017 is de methodiek van Antenne (die al vijfentwintig jaar in Amsterdam wordt gebruikt) voor het eerst ook toegepast in een andere regio, namelijk Gooi en Vechtstreek. Om zicht te krijgen op het gebruik van tabak, alcohol en andere drugs onder jongeren en jongvolwassenen in de regio is gebruikgemaakt van kwalitatieve en kwantitatieve methoden. Door middel van een focusgroep met professionals is een kwalitatieve inventarisatie gemaakt van het middelengebruik onder groepen jongeren in Gooi en Vechtstreek. Om precieze cijfers te kunnen leveren over het middelengebruik is een survey onder uitgaanders gehouden. Ook zijn gegevens van de drugstestservice van Jellinek Preventie Gooi en Vechtstreek geanalyseerd. Tabak, alcohol en cannabis zijn de middelen die uitgaanders het meest gebruiken. Het gebruik van ecstasy, amfetamine en cocaïne ligt een stuk lager. Voor, tijdens en na het uitgaan in de feestcafés en clubs wordt er vooral gedronken en gerookt.  

 

Luijk S.J., Nabben T. & Korf D.J. (2018) Antenne Gooi en Vechtstreek 2017. Het gebruik van alcohol, tabak en drugs onder jongeren en jongvolwassenen in de regio. Amsterdam: Bonger Instituut voor Criminologie.

 
Beklag over niet vervolgen: Hoe gaat het Openbaar Ministerie om met art. 12 Sv-zaken?

Een aangifte van een strafbaar feit door een burger leidt vaak niet tot een strafvervolging. De officier van justitie kan beslissen dat de zaak niet aan de rechter wordt voorgelegd, maar wordt geseponeerd. Tegen deze beslissing kan de belanghebbende zich op grond van artikel 12 Wetboek van Strafvordering beklagen bij het gerechtshof. Dit boek bevat een verslag van een onderzoek naar de praktijk van deze beklagprocedure en de kwaliteit van het werk van het Openbaar Ministerie. 
De centrale vraag in het onderzoek is of het werk van het Openbaar Ministerie in de beklagprocedure beantwoordt aan de kwaliteitseisen die daaraan mogen worden gesteld. Relevante informatie is verkregen door een kwantitatieve analyse van beklagzaken over de jaren 2010-2014, een uitvoerig dossieronderzoek en interviews met functionarissen die betrokken zijn bij de afhandeling van beklagzaken.

Benschop, A., Korf, D.J., De Meijer, M.E., Simmelink, J.B.H.M., Willemsen, A.W.A. (2018). Beklag over niet vervolgen: Hoe gaat het Openbaar Ministerie om met art. 12 Sv-zaken? Den Haag: Boom Juridisch.

 
Is te verwachten dat de strafbaarstelling van 4-FA van invloed is op gebruik?

Voor dit Bonger Bulletin onderzochten we in hoeverre legale status, prijs en beschikbaarheid een rol speelden in het gebruik van 4-FA voordat het middel in mei 2017 werd opgenomen in de Opiumwet.

Benschop, A. & Korf, D.J. (2018). Is te verwachten dat de strafbaarstelling van 4-FA van invloed is op gebruik? Amsterdam: Bonger Instituut.

Health and Social Problems Associated with Recent Novel Psychoactive Substance (NPS) Use Amongst Marginalised, Nightlife and Online Users in Six European Countries

Continued diversification and use of new psychoactive substances (NPS) across Europe remains a public health challenge. The study describes health and social consequences of recent NPS use as reported in a survey of marginalised, nightlife and online NPS users in the Netherlands, Hungary, Portugal, Ireland, Germany and Poland (n = 3023). Some respondents were unable to categorise NPS they had used. Use of ‘herbal blends’ and ‘synthetic cannabinoids obtained pure’ was most reported in Germany, Poland and Hungary, and use of ‘branded stimulants’ and ‘stimulants/empathogens/nootropics obtained pure’ was most reported in the Netherlands. Increased heart rate and palpitation, dizziness, anxiety, horror trips and headaches were most commonly reported acute side effects. Marginalised users reported substantially more acute side effects, more mid- and long-term mental and physical problems, and more social problems. Development of country-specific NPS awareness raising initiatives, health and social service needs assessments, and targeted responses are warranted.

Van Hout, M.C., Benschop, A., Bujalski, M., Dąbrowska, K., Demetrovics, Z., Felvinczi, K., Hearne, E., Henriques, S., Kaló, Z., Kamphausen, G., Korf, D.J., Silva, J.P., Wieczorek, Ł., & Werse, B. (2018). Health and Social Problems Associated with Recent Novel Psychoactive Substance (NPS) Use Amongst Marginalised, Nightlife and Online Users in Six European Countries. International Journal of Mental Health and Addiction, 16(2),  pp 480–49.

https://doi.org/10.1007/s11469-017-9824-1