Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN
Organisatie onderzoek

Onderzoekszwaartepunten

Facultaire zwaartepunten

In lijn met de Wetenschapsvisie 2025 van het ministerie van OCW en met het doel om een sterk onderzoeksprofiel te creëren (‘focus en massa’), heeft de UvA zwaarpuntbeleid gevoerd voor innovatief, onderscheidend onderzoek met grote wetenschappelijke en maatschappelijke impact.

Binnen ARILS zijn 6 onderzoekgroepen aangemerkt als facultaire onderzoekszwaartepunt, namelijk het: 

  1. Amsterdam Centre for European Law and Governance (ACELG);
  2. Amsterdam Center for International Law (ACIL);
  3. Amsterdam Center for Transformative Private Law (ACT);
  4. Institute for Information Law (IViR);
  5. Amsterdam Center for Law & Economics (ACLE);
  6. Amsterdam Centre for Tax Law (ACTL). 

De Faculteit der Rechtsgeleerdheid heeft specifiek beleid opgesteld rondom het zwaartepuntonderzoek, afgeleid van het beleid van UvA centraal. De 6 groepen zijn geselecteerd omdat ze op het hoogste niveau participeren aan het internationale academische debat en een concurrentievoordeel hebben op het gebied van academische excellentie en maatschappelijke relevantie. De facultair gekozen zwaartepunten dragen bij aan de profilering van de faculteit.

Zwaartepuntgroepen ontvangen een additionele lumpsum voor onderzoek, maar hier tegenover staat dat zij aan striktere vereisten onderworpen zijn op het gebied van academische output, maatschappelijke relevantie, het aantrekken en behouden van talent en het werven van middelen uit de 2e en 3e geldstroom.

Deelname aan UvA zwaartepuntonderzoek

De UvA heeft sinds 2008 beleid gericht op zwaartepuntvorming in onderzoek. Sinds 2019 staat vernieuwing over disciplines voorop. Het doel van een universitaire RPA is het verkennen van mogelijke vernieuwing door het samenbrengen van onderzoek in verschillende disciplines over faculteiten heen. Het is minder gericht op het realiseren van focus en massa, maar brengt onderzoekers uit verschillende faculteiten bij elkaar op een onderzoeksonderwerp waarop de UvA geacht mag worden van bijzondere meerwaarde (competitive advantage) te kunnen zijn, gelet op de aan de UvA aanwezige expertise, infrastructuur, relaties met derden, etc. 

De definitie van een universitaire RPA is als volgt:

  • een interdisciplinair samenwerkingsverband van onderzoekers uit verschillende faculteiten met een gemeenschappelijk thema van onderzoek;
  • dat een coherent en vernieuwend onderzoeksprogramma heeft;
  • dat een competitive advantage heeft en internationaal zichtbaar kan worden;
  • dat het vermogen heeft uit te groeien tot een onderzoeksgebied waarmee de UvA zich kan profileren;
  • dat goed in staat is op termijn voldoende externe onderzoeksfinanciering te verwerven;
  • dat de potentie heeft een duurzaam samenwerkingsverband te vormen.

In competitie kan binnen de UvA centrale financiering verkregen worden door interfacultaire initiatieven. De financiering is in principe vijf jaar beschikbaar. 

FdR participeert in de volgende UvA brede zwaartepunten: